Herziening van het beslag- en executierecht, wat betekent dit voor u als schuldeiser?

Stel u heeft werk verricht in opdracht van iemand of u heeft goederen geleverd, maar diegene betaalt uw rekening niet. U heeft een herinnering gestuurd en geprobeerd te bellen maar de persoon in kwestie geeft geen gehoor en gaat niet over tot betaling. Wat zijn uw mogelijkheden onder het nieuwe beslag- en executierecht?

Als de klant een consument is en hij voldoet de rekening niet, dan bent u verplicht om een aanmaning te sturen met daarin een betalingstermijn van minimaal veertien dagen alvorens u een vergoeding van de gemaakte incassokosten kunt vorderen.

Is uw klant een professional dan kunt u bij de aanmaning direct de incassokosten evenals de wettelijke- of contractuele rente vorderen.   

Weigert uw schuldenaar te betalen na aangemaand te zijn dan kan de rechter om een vonnis worden gevraagd waardoor in rechte vaststaat dat de vordering moet worden voldaan door de schuldenaar. Is er sprake van vrees voor verduistering van de verhaalsmogelijkheden dan kunt u de rechter op voorhand om toestemming verzoeken om ten laste van de schuldenaar conservatoir beslag te leggen op zijn eigendommen en vorderingen.  U heeft dan uw verhaalsmogelijkheden al veilig gesteld voor het moment dat de rechter uitspraak zal doen en u loopt dan niet achter de feiten aan.

Een vonnis levert een executoriale titel op met behulp waarvan de deurwaarder executoriaal beslag kan leggen op goederen en/of bankrekeningen van de schuldenaar. Is er conservatoir beslag gelegd dan kan dit beslag met behulp van het vonnis worden omgezet in een executoriaal beslag.

Na het executoriale beslag wordt vervolgens het positieve saldo van de bankrekeningen geïnd en worden de goederen door een executieverkoop te gelden gemaakt. Na aftrek van de gemaakte kosten wordt met het geïnde banksaldo en de verkoopopbrengst de openstaande schuld voldaan.

Per 1 oktober 2020 is het eerste gedeelte van de wet herziening beslag- en executierecht in werking getreden. De wet treedt gefaseerd in werking omdat verschillende organisaties, zoals banken en deurwaarders, hun bedrijfsprocessen moeten aanpassen en dat kost tijd.

De wet moet ervoor zorgen dat natuurlijke personen met schulden niet onder het bestaansminimum terecht komen. Door de eerste wijziging mag er op niet-bovenmatige zaken geen beslag meer gelegd worden omdat mensen dan onder het bestaansminimum terecht kunnen komen. Wanneer daarvan sprake is hangt af van het geval. In de praktijk zal over de bovenmatigheid van een zaak discussie kunnen ontstaan. De schuldeiser moet in ieder geval aannemelijk kunnen maken dat de schuldenaar niet op onevenredig zware wijze in zijn belangen wordt geraakt door het beslag. Dit is bijvoorbeeld het geval als de schuldenaar in het bezit is van een bontjas. De schuldenaar heeft wel recht op een winterjas, maar dat hoeft geen dure bontjas te zijn. Beslaglegging mag onder de nieuwe regelgeving in beginsel niet meer als pressiemiddel worden gebruikt, tenzij er sprake is van een schuldenaar die wel kan betalen maar dat niet wil. Een voorbeeld hiervan is als een schuldenaar vermogen heeft in het buitenland maar door grensoverschrijdende problematiek daarop niet eenvoudig beslag kan worden gelegd. In dat geval kan er wel beslag worden gelegd op goederen in Nederland zodat de schuldenaar wordt voldaan.

Een belangrijke verandering voor de incassopraktijk is de mogelijkheid om de executieverkopen via een algemeen toegankelijke website te laten plaatsvinden. Dit zorgt voor een groter bereik en veelal voor een hogere opbrengst met bovendien minder kosten. De Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders is bezig met het inrichten van een centrale website waarop executieveilingen worden aangekondigd.

Bij de tweede fase, die in werking treedt op 1 januari 2021, wordt er een beslagvrij bedrag ingevoerd voor natuurlijke personen. Is er sprake van spaargeld dan mag op een gedeelte daarvan geen beslag meer worden gelegd. De gedachte hierachter is dat de schuldenaar (naast de beslagvrije voet van zijn inkomen) extra middelen overhoudt om van te leven.

De derde en laatste fase treedt in werking op 1 april 2021. Bij de laatste fase wordt het mogelijk om administratief beslag te leggen op motorrijtuigen en aanhangwagens. Ook dit is voor de incassopraktijk een belangrijke verandering. Zo hoeft de deurwaarder het voertuig niet meer daadwerkelijk te zien om beslag te kunnen leggen. Op deze manier kan de auto niet nog snel worden overgeschreven op een andere naam en wordt een eventuele koper beschermt voor het kopen van een auto met een beslag erop.

Door de invoering van deze wet beoogt de wetgever het beslag- en executierecht efficiënter en eenvoudiger te maken. Ook worden de mogelijkheden voor executieverkoop verruimd dat naar alle waarschijnlijkheid gaat leiden tot een hogere opbrengst.

Heeft u vragen over de mogelijkheden om uw vordering voldaan te zien of loopt u ergens anders tegenaan bij het incasseren van uw openstaande rekening? Neem vrijblijvend contact met ons op om te kijken wat wij voor u kunnen betekenen bij het innen van uw vordering.

Betreft rechtsgebied(en):
Advocaat contractenrecht
Advocaat ondernemingsrecht

« Terug naar het overzicht